
Aan de linker Rijnoever, tussen Elzas, Saarland en Rheinhessen ligt de Palts als deel van de Bovenrijnse laagvlakte en het westelijke achterland. De bergketens van Haardt en Wasgau worden tegenwoordig meestal Pfälzer Wald genoemd. Het vormt de schakel tussen de aan de linker Rijnoever gelegen gebergten Eifel en Hunsrück in het noorden en de Vogezen in het zuiden. Karakteristiek voor dit afwisselende landschap met vriendelijke vlakten, bergmassieven en rivierdoorbraken zijn in het zuiden van het Pfälzer Wald de afgevlakte bergkegels, overschaduwd door de bizarre rotsformaties van roodachtig zandsteen. Het grootste deel van het Pfälzer Wald is nu natuurpark en biosfeerreservaat. Aan de oostelijke hellingen van het Pfälzer bergland, zoals deze streek met het Toscane gevoel ook genoemd wordt, ligt het wijnbouwgebied van de Palts. In het milde, zonnige, mediterrane klimaat rijpen de druiven bijzonder goed.

Op de eerste toppen van het Pfälzer Wald groeien wilde, eetbare kastanjes die eigenlijk alleen maar in Zuid-Europa voorkomen. Maar ook tabak, vijgen, kiwis, citroenen, amandelen en abrikozen bloeien tegen de beschutte Oostelijke hellingen en betoveren, dankzij de vele zondagen, met een mediterrane flair. Met een oppervlak van ongeveer 23000 hectare is de Palts het grootste en rijkste aaneengesloten wijnbouwgebied van Duitsland. Deze wijnkelder van het heilige Romeinse Rijk van Duitse Natie is een heus wandel- en fietsparadijs. Tweeduizend jaar geleden was de Palts al een geliefd jachtgebied van keizers, koningen en vorsten. Van keizer Barbarossa tot en met de deelnemers aan het Hambacher fest: de Palts heeft meer geschiedenis te bieden dan menige andere Duitse streek. Daarvan getuigen gebouwen, zoals de keizerdom van Speyer. Hier komt men bij elke stap in aanraking met Salische geschiedenis. In de crypte van de in de 11e eeuw in Romaanse stijl gebouwde kerk liggen alleen al acht Duitse keizers en koningen begraven.


